Welkom op Web Tales

De meest innovatieve schrijverswebsite in de Nederlandse taal


De profetie - deel 40


Geschreven door Mirah
14 juni 2019 09:32
Categorie: Fantasy

vorig deel: De profetie - deel 39
volgend deel: de profetie - deel 41

Leestijd: ca. 3 min.
Aantal keer gelezen: 54 Aantal reacties: 2
Aantal leden : 0
 0
Dit werk heeft op de voorpagina in de spotlight gestaanDe Auteur wil graag inhoudelijk en technisch commentaar op zijn werk
Een tintelend gevoel verspreidde zich over haar hele lichaam toen ze door de deur stapte.  Ze voelde geen weerstand.  Het was alsof ze door golvend water stapte dat niet nat aanvoelde.  Impulsief had ze haar adem ingehouden en hield haar ogen nog steeds stijf opeen.  De warme hand omsloot de hare wat steviger.
‘We zijn aan de ander kant.  Je kan je ogen wel openen hoor.’
De manier waarop Thymos woorden klonken gaf al aan dat ze in een grote ruimte stonden.  Voorzichtig deed ze haar ogen open en keek naar een enorm grote ruimte volledig bekleed met houten wandkasten die er al net zo oud uitzagen als de stoelen in de vorige ruimte.  Zo ver ze kon kijken met behulp van de lichtgevende stenen die ook hier in het plafond waren aangebracht, zag ze boeken op boekenplanken liggen netjes gesorteerd volgens grote.  Het rook er zoals het in een bibliotheek hoorde te ruiken.  Ook midden in de ruimte stonden rijen houten kasten die zo ver doorliepen waardoor ze het einde ervan niet kon zien.  De moed zonk haar plots in de schoenen.  Hoe moest ze hiertussen het ‘ene boek’ vinden.
Thymos nam haar zacht bij de arm waardoor ze opschrok uit haar gedachten.
‘Er is meer, zoals deze ruimte zijn er nog tientallen.  Wil je die allemaal zien?’
Ze voelde het bloed uit haar wangen wegtrekken.
Thymos zag haar teleurstelling en zei: ‘De meest kostbare boeken worden vele niveaus lager bewaard.  Misschien dat we daar best beginnen te zoeken.’
Ze slikte en slaagde er met moeite in te knikken.
Toen hij in beweging kwam was het net alsof ze lood in haar schoenen had.  Met moeite zette ze de ene voet voor de andere en volgde Thymos die tussen twee rijen kasten doorliep.
 
Hoelang ze hem al volgde wist ze niet meer.  Haar voeten begonnen al pijn te doen van het lange lopen door de enorme ruimte waarachter een trap nog dieper naar een volgend niveau leidde.  Telkens liet hij haar een nieuwe ruimte zien vergelijkbaar met de ruimte die ze een niveau hoger al gezien had.  Lopend langs de rekken had ze niets bijzonders aan de boeken gezien.  Ze had geprobeerd te lezen wat er op de ruggen stond, maar dat was hopeloos. 
‘Wat is er op het allerlaagste niveau?’ vroeg ze en hoorde haar stem weergalmen door de holle ruimte waarin de treden steeds maar verder naar onder leidden.  Hier waren de lichtgevende stenen in hun handen de voornaamste lichtbron.
‘Dat weet ik zelf niet.  We naderen het uiterste punt dat voor ons bereikbaar is.  Verder gaan heeft geen zin en zou pure zelfmoord zijn.’
‘H… Hoezo?’ vroeg ze buiten adem.  ‘Ik bedoel, hoe weet je dat?’
‘Omdat mijn beste vriend het geprobeerd heeft.  Bij het aanraken van de magische deur begon hij te stuiptrekken.  Er verscheen schuim op zijn lippen en enkele minuten later was hij dood.’
Huiverend was ze blijven staan.  Toen Thymos merkte dat hij niet gevolgd werd keerde hij zich naar haar om.  In het licht van zijn steen leek zijn gezicht onnatuurlijk bleek.  Ze schrok toen een warme hand de hare omsloot en hoorde haar hart bonken tot in haar oren.
‘Rustig maar,’ klonk zijn stem terwijl hij haar hand nog wat steviger vastnam.
Ze deed een poging de plotse angst van haar af te schudden.  Cian, help me, leidt me naar waar ik moet zijn.  Plots leken haar vrienden een onbereikbaar iets.  Was ze niet beter bij hen gebleven?
Langzaam kwam ze weer in beweging, zij het moeizaam.  Even later stond ze voor een tweede glimmende deur.  Een vreemde aantrekkingskracht ging ervan uit.  Angstig omklemde ze Thymos bovenarm, bang dat ze onwillekeurig door de deur zou gezogen worden.
‘Voel je je hier ook zo vreemd?’ vroeg ze met licht bevende stem.
Toen de Ezahr niet dadelijk antwoordde keek ze hem aan en zag aan de glazige blik in zijn ogen dat hij deze plek verafschuwde.
‘Iedere Ezahr heeft altijd al willen weten wat er zich achter deze deur bevond.  De enkelen die het geprobeerd hebben hebben het met hun leven moeten bekopen.
‘Maar voel je je ook alsof de deur aan je trekt, alsof er een magneet aan de andere kant bevindt?’
‘Nee, eerder het tegenovergestelde.’
Ze voelde een vreemde opwinding over haar heen komen.  Wat als het ‘ene boek’ zich hierachter bevond?  Verborgen voor allen die niet over de juiste magie beschikten?  Maar wat als ze verkeerd was?  Ze had maar één kans.  Behoedzaam naderde ze de deur.  Een vreemd geknetter werd hoorbaar en een arm gleed om haar middel haar ervoor behoedend dichterbij te gaan.
Opgewonden zei ze ‘Je kent magie vertelde je.  Voel je de lucht hier knetteren?  Volgens mij is het magie.’
‘Ik voel het ook, maar ik moet bekennen, het weinige wat ik van magie ken is beperkt tot verdediging en helen van lichte kwetsuren.  Ik heb jaren doorgebracht in deze bibliotheek en heb me voornamelijk bezig gehouden met het vertalen van teksten.’
‘Wat?  En dat zeg je me nu pas?’ riep ze uit.  ‘Kan je deze boeken lezen?’

 
© Mirah. Dit werk blijft te allen tijde eigendom van de auteur. Zonder zijn/haar toestemming mag dit werk niet gebruikt worden voor andere doeleinden dan lezen.
Nota:
leuk gevonden door: Breinpijn
Profiel foto van Breinpijn
Zo'n zoektocht door de bibliotheek is een avontuur op zichzelf en je kunt daar gebruik van maken door het iets langer uit te smeren. Door dingen uit de bieb te laten zien en dat doe je hier heel goed. De lezer gaat met je mee het doolhof in en wordt getriggerd door allerlei dingen die jij beschrijft. Spanning wordt opgevoerd en zo bindt je de lezer aan je. 
Ik zei al dat je dat hier heel goed doet dus mij heb je weer. Ik lees door wan took ik wil weten wat er achter die deur zit. Ik vermoed dat het gezochte boek er wel ligt.

zag ze boeken op boekenplanken liggen netjes gesorteerd volgens grote.>op grootte (of wellicht beter: op formaat)
Het rook er zoals het in een bibliotheek hoorde te ruiken.> om de lezers een beeld voor ogen te brengen, kun je hier misschien aangeven HOE dat dan ruikt. Kijk, we hebben allemaal wel een idee min of meer van hoe het er daar ruikt, maar voor de beeldvorming is het goed dat je soms dingen echt benoemt. BV: als je in een zin zegt dat hij/zij ‘moeilijk’ kijkt. Dus als je dat dan als het ware voor de lezer uittekent, heeft hij er echt beeld bij en gaat het verhaal en het perosnage echt leven. Kleine details, maar belangrijk. Je hoeft dit natuurlijk niet altijd te doen, maar zo af en toe is het goed om zoiets aan te geven. Bv van die grijns, kun je zeggen: Zijn mondhoeken krulden guitig omhoog. (ik zeg maar iets).

Dan moet ik eens op zoek naar hoe ik het nog beter kan omschrijven.
Dank voor de pluim :-)

Over die bibliotheek zou je bv. kunnen zeggen: het rook er muf naar natte kranten of iets dergelijks. Of als je een scene in een taveerne laat afspelen, kun je bv. zeggen dat het er zuur rook naar verschaald bier en te lang opgestane stoofpot of iets dergelijks. Kleine details maken een verhaal levendig. 
Profiel foto van Henny
Oeh!!! Is zij de sleutel van de deur en kan ze hem vellig openen? Ik zit op het puntje van mijn stoel. Snel naar het volgende deel voordat ik er af val. <img src='img/smileys/fly1.gif' alt='(fly)' Title='(fly)'> 

Had je niet verwacht? :-)